De goede geesten van Berlijns Werelderfgoed

Het kantoor in het Schillerpark waar de conciërges werken.

Het kantoor in het Schillerpark waar de conciërges werken.

Wie vaak in één en dezelfde stad komt gaat op zoek naar de nog niet betreden paden. Even gedag zeggen bij de Brandenburger Tor, een heen en weer loopje over Unter den Linden en dan snel het van toeristen vergeven Berlijnse centrum uit. Want niets is leuker dan zelf dingen ontdekken. Kijkend op de kaart van de stad met extra hulp van Google zie je aparte curves, fascinerende hoekjes, speciale draaiingen. Erop af is daarna het devies. Zo kwamen we in het begin van onze reis terecht in Gartenstadt Falkenberg. Een oase middenin het overweldigende stenen Berlijn.

Gartenstadt

Gartenstadt

Arbeiders

Naspeuringen maakten duidelijk dat de miljoenenstad meer van dit soort dorpjes in de stad telt. Zes van deze woongemeenschappen zijn in 2008 uitgeroepen tot Unesco Werelderfgoed.
We hebben er vier bezocht. En ze zijn allemaal anders. Behalve dat ze ontstaan zijn in ongeveer dezelfde tijd met ongeveer dezelfde gedachten: de enorme toestroom van arbeiders een goed onderkomen geven. Wij vinden Berlijn tegenwoordig een grote stad, maar de stad telde in de jaren twintig van de vorige eeuw meer inwoners dan nu. Toen: 4 miljoen tegenover 3,4 miljoen nu.

Hufeisensiedlung

Hufeisensiedlung

Gedrochten

De groei ging met gigantische aantallen. In één jaar moesten er bijvoorbeeld 140.000 woningen bij komen om al die nieuwelingen een dak boven het hoofd te bieden. In diezelfde tijd zijn er ook afschuwelijke gedrochten neergezet, maar socialistische architecten als Bruno Taut hebben er tussen 1912 en 1932 alles aangedaan om voor bewoners zo mooi mogelijke huisvesting te realiseren. Het is niet voor niets dat z’n wijken (siedlungen) nog steeds tot de mooiste van Berlijn horen.

Weisse Stadt

Weisse Stadt

Nazi’s

In z’n eigen jaren werd het Taut en consorten niet met dank afgenomen. Hij en een groot aantal anderen moesten vluchten omdat de nazi’s hen naar het leven stonden. Socialist zijn en iets goeds doen voor de medemens en de wereld stond niet hoog op het lijstje van de nieuwe machthebbers rond Hitler. Taut vluchtte in 1933 naar Istanbul, waar hij vijf jaar later stierf en als enige Europeaan en niet-moslim begraven werd op een islamitische begraafplaats.

Guten Geisten verzorgen de post, halen en brengen boodschappen, zorgen voor babysitters en organiseren feestjes

Guten Geisten

Naast Gartenstadt Falkenberg was Bruno Taut ook de bedenker van de Schillerpark-Siedlung in het stadsdeel Wedding. Voor ons Nederlanders zeer herkenbaar, want geïnspireerd op de Amsterdamse school. De wijk is nog steeds een sociaal bolwerk. Er zijn bijvoorbeeld conciërges, die alle lopende zaken regelen. Maar deze zogenaamde Guten Geisten (goede geesten), zoals ze zichzelf ook noemen, verzorgen de post, halen en brengen boodschappen, ze reserveren tickets voor theatervoorstellingen, zorgen voor babysitters, organiseren feestjes en beheren bijvoorbeeld de gastenwoningen, waarin de bewoners familie of vrienden tijdelijk kunnen laten logeren.

Schillerpark

Schillerpark

De meeste huurders, want deze wijken zijn bijna allemaal nog van de woningbouwverenigingen, wonen er al tientallen jaren. Ze zijn er ooit als jonkies begonnen om er nooit meer weg te gaan. Het grappige in Duitsland is dat je als huurder mede-eigenaar kan worden door aandelen in je eigen siedlung te kopen. Geen dure dingen, maar eigenlijk een onderdeel van het huurbedrag. Veel mensen zijn dus gewoon eigenaar van hun eigen wijk. In totaal bestaat het Schillerpark uit 800 flatwoningen.

In heel Berlijn zijn er 22 van dit soort corporaties, die samenwerken en de conciërges met elkaar uitwisselen mocht dat nodig zijn. Over het algemeen zijn het bijzonder welvarende clubjes, vertellen de twee Guten Geisten van het Schillerpark ons. Ze waren ook even onze goede geesten, want ze zagen onze nieuwsgierige blikken, kwamen naar buiten met de vraag of ze ons konden helpen en voordat we het wisten waren we een postzegel, boekjes, een rondleiding en veel wetenschap rijker.

Siemensstadt

Siemensstadt

Welvarend

Wie er net als ons een kijkje wil nemen zou gelijk de Weisse Stadt mee kunnen pakken. Ook deze volledig witte wijk staat op de erfgoedlijst van Unesco en ligt slechts een paar straten verder. Om er te komen loop je door een wijk die weliswaar niet op deze wereldranglijst staat, maar eveneens het bekijken waard is.
En dat is precies het leuke van rondlopen in zo’n grote stad. Je komt terecht middenin het echte leven.

Soms is dat prachtig, soms is het minder mooi, maar het is wel echter dan de vaak opgeklopte façade van de toeristische trekpleisters.

De zes Unesco Werelderfgoederen in Berlijn. Kaart van Stadtentwickelung.berlin.de

De zes Unesco Werelderfgoederen in Berlijn. Kaart van Stadtentwickelung.berlin.de

Delen vindt onze Smuik leuk!

CamperSmuikje

Over een lief campertje genaamd Smuikje dat met zijn baasjes Walter Devenijns en Janine Stougie rondreist, terwijl de baasjes e-books maken, reisverhalen schrijven & genieten.

Reacties (6)

    • Ja, was bijzonder om te zien. Soort superportiers, kost geld natuurlijk, maar is goed voor de sociale samenhang.

    • In zo’n grote stad kiezen we voor een combi van u-Bahn en lopen. Deze 2 wijken liggen bij elkaar en zijn makkelijk te belopen.

Reacties zijn niet mogelijk.