
Kastelen. Meestal verbonden met een verhaal van edele ridders en jonkvrouwen die smachtend op zoek zijn naar de liefde op dat ene witte paard. Wie dit soort verhaaltjes altijd leuk heeft gevonden, kan zijn hart ophalen in de Spaanse provincie Extremadura.
De ridders en jonkvrouwen zijn allang verdwenen, maar hun erfenis, de kastelen en stadsmuren, kom je overal tegen. Hoeveel kastelen en ommuurde stadjes er zijn, weten we niet. Het moeten er tientallen zijn. Toen we rondliepen op, in en rond het enorme Castillo de Alburquerque maakte een tentoonstelling duidelijk dat de Midden-Spaanse provincie een echt burchtenland is. En bijna altijd ligt er een ommuurde stad of dorp aan de voet. Menig stadje zoals het tegen Portugal aangelegen Alcántara had ook nog een echte ridderorde die de plaats bewaakte.

Kasteeltje inpikken
Een reden voor al die verdedigingswerken was er natuurlijk wel. Extremadura was eeuwenlang oorlogsgebied. Sommige forten werden opgericht door de Romeinen of de islamitische Arabieren zoals in Mérida. Andere daarentegen ontstonden onder christelijke timmermansogen. Of, zoals in het geval van Alcántara, was er eerst een islamitisch kasteel, maar na de verovering door de katholieke ridders werd het een christelijk vesting.
Maar ook Portugal deed een duit in het zakje, want na de overwinning van het katholieke Spanje op de Arabieren in Extremadura (eind 13de eeuw), ontstond er ook nog eens ruzie tussen Portugal en Spanje. Alcántara en het veel zuidelijker in Extremadura gelegen Olivenza weten daar alles van. Dan was de streek weer Portugees, dan weer Spaans.

Olivenza: eerst Portugees, daarna Spaans
Beter gezegd: Olivenza was eeuwenlang Portugees om het in het begin van de de 19de eeuw definitief kwijt te raken aan Spanje. Nog steeds vindt Portugal dat het de rechtmatige eigenaar is van Olivenza. Gelukkig maken de twee landen op het Iberisch schiereiland er geen halszaak meer van. En sinds de dood van de Spaanse dictator Franco in 1975 zijn Portugees talenonderwijs en Portugese straatnamen weer toegestaan.




–
Dat Olivenza bijna zeshonderd jaar Portugees is geweest, kun je goed zien. De ommuurde stad en de kasteeltoren Torre del Rey (13de eeuw) werden grotendeels gebouwd door de Portugezen. De 37 meter hoge toren staat op de resten van een Arabisch fort. Het schattige stadje met de sierlijke toegangspoort van het gemeentehuis zou zo op het platteland van Spanje’s buurland kunnen staan.
Ontdek het onbekende Spanje met onze digitale reisgidsen en routeboeken zoals: het grote Spaanse routeboek (5500 km), de reisgidsen over Costa de la Luz, natuurgebied Cabo de Gata & Costa Almería en het routeboek València met de rijstgebieden van Spanje & Portugal. Plus: de stadsgidsen València, Cádiz en Almería. Nieuwste uitgave: het grote Picos de Europa-boek. Veel genietplezier! Namens de reisjournalisten-uitgevers Walter en Janine. Meer info? Klik hier.
Portugese openingstijden
Ook apart is het feit dat de winkels Portugese openingstijden hanteren. De supermarkt in Olivenza was zondags in tegenstelling tot zijn Spaanse concurrenten in de andere stadjes wél open. Niet voor niets dat het binnenlands toerisme Olivenza goed kan vinden. Buiten de enorme stadsmuren liggen dan ook enorme parkeerplaatsen.
Kastelen dus. En die liggen meestal op een berg of heuvel. Een aanvaller moet dan beter zijn best doen om de vesting te veroveren. We zakken af naar Alconchel als het voorbeeld van een ongenaakbaar ogend kasteel. Hooggelegen op bijna vierhonderd meter kijkt de stenen bescherming uit op het ruim honderd meter lager gelegen Alconchel. Het dorp is een landerig gehucht met ruim duizend inwoners. Drukke kroeg langs de hoofdweg, plein in het midden.
Zie ook: terug in de tijd in La Raya, de mooiste uithoek van Extremadura
Zie ook: op naar Extremadura, dat oer-Spaanse binnenland


Adembenemend zicht bij Alconchel
Maar met wel een heel mooi wandelpad naar het Castillo de Miraflores, waardoor je een adembenemend blik krijgt op het heuvelachtige landschap. Als je puffend en hijgend boven bent gekomen dan snap je de werkwijze van de kasteel-architect. De vijand zie je al van ver aankomen. Je ziet trouwens ook het stratenpatroon van Alconchel liggen met twee hoofdstraten richting het centrale plein. En dan blijkt dat het simpele dorpje met zijn organisch gegroeide centrum toch weer wat charme hebben. Het geheel is ook mooi ingebed in de groene natuur.
Dwalen door kloosterstad Llerena
Llerena ligt wat meer in het oosten, vlak tegen het Andalusische natuurpark Sierra Norte. Het is in tegenstelling tot Alconchel een stad, een statige stad zelfs met een rijk verleden. Sinds het begin van dit jaar is het lid van de club Mooiste steden van Spanje, de Pueblos más Bonitos de España.

En terecht, vinden we als we door de straatjes en straten dwalen. Llerena werd in de 13de eeuw een belangrijke vesting voor de ridderorde van Santiago na de verdrijving van de Arabieren uit Extremadura. Het werd een katholiek bolwerk met liefst zeven kloosterordes én kreeg, een paar eeuwen later, een kantoor van de beruchte Inquisitie om de toenmalige joodse inwoners in de gaten te houden. Om de oude stad zie je nog steeds de muren van de vesting, enkele torens en stadspoorten.
Het meest bijzonder plekje: Plaza de España, het centrale plein van Llerena. Volgens sommigen de mooiste van Extremadura. Arcades omzomen het plein, terwijl een twee verdiepingen hoge galerij vastgeplakt zit aan de sierlijke toren en kerk van Nuestra Señora de Granada. We hebben op onze toeren door Spanje en Portugal zoveel kerken gezien dat we een beetje blasé zijn geworden.

Voor deze kerk & schilder Zubarán maakten we een uitzondering
Maar voor deze kerk maken we graag een uitzondering en dus beschrijven we Granada. De bouw is begonnen in de 14de eeuw, maar daarna is er eeuwenlang aan gesleuteld en gerepareerd. De galerij is barok bijvoorbeeld, een bouwstijl uit een relatief moderne tijd. Je voelt de geschiedenis als je in de donkere kerk wandelt. Weggedrukt aan de wand hangt een somber schilderij van de Spaanse schilder Zubarán die lange tijd in Llerena heeft gewoond. Zijn standbeeld staat voor de galerij van de enorme kerk.
Maar Llerena heeft gelukkig nog meer bijzondere plekken zoals Hospederia Mirador de Llerena en een tot bibliotheek omgebouwde kerk aan de Calle Santiago 42. De een is een prachtig hotel met een bijzonder modernistisch ontwerp uit het begin van de 20ste eeuw. Als je heel lief bent krijg je van de portier de sleutel voor het dakterras mee, waardoor je een hemels uitzicht over de stad en de omgeving hebt.


De bibliotheek is bijzonder omdat het gevestigd is in een kerk, gelijk de voorbeelden in onze oude en huidige woonplaatsen Zwolle respectievelijk Maastricht. Tip: ze hebben een voormalige grafkelder met een glasplaat afgedekt in de vloer. Je loopt er zo voorbij. Gelukkig had de mevrouw van het toeristenbureau ons een goede tip gegeven!



–
Reina: een romeinse stad van vierduizend inwoners
Terug naar de Santiago-ridders. Deze adellijke vechtjassen veroverden na de verdrijving van de Arabische heersers ook het nabijgelegen Arabische fort van Reina (Alcazaba). Op deze 800 meter hoge berg lag een citadel met vijftien torens en twee muren. Je kunt het bezoeken. Vanaf dit adelaarsnest dat overigens zwaar vernietigd en deels gerestaureerd is, kijk je zo richting het altijd groene Sierra Morena (Andalusië).
Je kan het je, als je door de ruïne loopt, bijna niet voorstellen, maar vroeger was Reina een knooppunt. De Romeinen bouwden in het dal een stad van vierduizend inwoners met een amfitheater. De resten ervan zijn de laatste jaren blootgelegd. De streek was en is vruchtbaar, vandaar dat ook de Visigoten op de top een kerkje bouwden, de Arabieren er een enorm kasteel aanlegden en de Christelijke ridderorde het fort nog eens extra uitbreidde.

De Sixtijnse kapel van…Extremadura
De streek rondom Reina en Llerena is sowieso een bezoek waard. Enkele kilometers verderop ligt het kapelletje Nuestra Señora del Ara. Een pareltje. Midden tussen de olijfbomen en steeneiken staat een bescheiden kerkje met een prachtige geschilderd plafond uit de 17de eeuw. De trotse inwoners noemen het de Sixtijnse kapel van Extremadura.
Je ziet, Extremadura heeft veel te bieden. Er is natuur in overvloed, de deelstaat zit bomvol kastelen en historische plaatsen. En je kan er heerlijk eten zoals de lokale hammen, de kazen, confituren en de, toch niet te drinken, eikeltjes-likeur.

De moderne tijd snelt straks door Extremadura
Het land is relatief leeg. Ga maar na. Extremadura is iets groter dan Nederland, maar telt slechts 1 miljoen inwoners. Een getal dat al dertig jaar stabiel is. Je kan kilometers wandelen of rijden zonder een mens tegen te komen. Over niet al te lange tijd krijgt het wat achtergebleven land een betere aansluiting met de toekomst én Spanje, als de hoge-snelheidstrein de steden Plasencia, Cáceres, Mérida en provinciehoofdstad Badajoz aan zal doen. Dan zou je in twee dagen de provincie kunnen bereiken met de trein vanuit Nederland. Heerlijk!
Ontdek meer van Camper Smuikje gaat los
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

15 juni 2025
Heerlijk zo’n verhaal !
Het maakt mij erg nieuwsgierig, mede omdat ik lid ben van Levende Historie Harderwijk, die de periode rond 1560 probeert te verlevendigen. Ga zo door, want er is vast nog meer bijzonders te zien op jullie reis door Spanje.